Antacidum

Een antacidum (meervoud: antacida) is een categorie van zuurremmers, meestal een base, die het maagzuur tegenwerkt. Antacida neutraliseren dus het maagzuur.

Een fles antacida

Werking

Antacida verlichten de pijn bij maagzweren, echter ze werken over het algemeen niet goed genoeg om deze te genezen. Ze zorgen voor een neutraliserende reactie, ze gedragen zich als een buffer tegen het maagzuur, waardoor de pH stijgt. Hierdoor neemt de zuurgraad in de maag af. Als het maagzuur in contact komt met de zenuwen in de slijmvliezen van de maagwand, veroorzaakt dat pijn. Dit gebeurt als de zenuwen bloot liggen, zoals bij maagzweren. Het maagzuur kan soms ook zweren in de slokdarm of in de twaalfvingerige darm bereiken.

Andere werkingen kunnen ook bijdragen aan de verlichting van de pijn, zoals het effect van aluminiumionen die de samentrekkingen van de gladde spieren remmen en daarmee het leegmaken van de maag remmen.

Indicaties

Antacida worden oraal toegediend om de klachten bij zuurbrand te verlichten. Zuurbrand is het belangrijkste symptoom van de gastro-oesofageale refluxziekte. De behandeling met enkel antacida is symptomatisch en wordt alleen gebruikt bij lichte klachten. De behandeling van maagzweren zal vaak behalve met antacida ook met H2-antagonisten of protonpompremmers moeten plaatsvinden.

Het nut van het combineren van verschillende antacida is niet duidelijk, hoewel de combinatie van magnesium- en aluminiumzouten een verandering van de darmperistaltiek kan voorkomen doordat magnesiumzouten een laxerend, en aluminiumzouten juist een obstiperend effect hebben.

Bijwerkingen

  • Aluminiumhydroxide kan leiden tot het vormen van onoplosbare aluminiumfosfaatcomplexen, wat hypofosfatemie en osteomalacie kan veroorzaken. Hoewel aluminium niet snel wordt opgenomen in het bloed, kunnen er ophopingen ontstaan bij nierfalen. Aluminiumhoudende geneesmiddelen kunnen obstipatie veroorzaken.
  • Magnesiumhydroxide werkt laxerend. Magnesiumophopingen ontstaan bij patiënten met nierfalen, wat tot hypermagnesiëmie leidt. Hypermagnesiëmie heeft cardiovasculaire en neurologische gevolgen.
  • Carbonaat kan in frequente hoge doseringen tot alkalose leiden. Alkalose kan weer een veranderde uitscheiding van andere geneesmiddelen en nierstenen veroorzaken. Een chemische reactie tussen carbonaat en zoutzuur levert (gasvormige) koolstofdioxide op. Het gas kan de maag laten opzwellen (distensie).
  • Calciumzouten verhogen de hoeveelheid calcium in de urine en kan daardoor nierstenen veroorzaken. Calciumzouten kunnen daarnaast obstipatie veroorzaken.
  • Natriumzouten: een verhoogde inname kan leiden tot hypertensie, hartfalen en verschillende nierziekten.

Problemen bij een lagere maagzuurconcentratie

Een lagere maagzuurconcentratie vermindert het vermogen om voedsel te verteren. De enzymen in de maag, zoals chymosine en pepsine, werken juist optimaal bij de hoge concentratie maagzuur. Het vermogen om later in het verteringsstelsel sommige voedingsstoffen zoals ijzer en vitamine B op te nemen wordt ook aangetast. De lage pH (hoge concentratie zuur) van het maagzuur doodt normaal gesproken bacteriën. Het gebruik van een antacidum betekent dan ook dat de persoon gevoeliger wordt voor een infectie.

Zie de categorie Antacids van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.
This article is issued from Wikipedia. The text is licensed under Creative Commons - Attribution - Sharealike. Additional terms may apply for the media files.