recapitulatie

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·ca·pi·tu·la·tie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord recapitulatie recapitulaties
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

recapitulatie v [1]

  1. het recapituleren, (kort samenvatten van de inhoud)
Afgeleide begrippen
  • recapitulatietheorie

Gangbaarheid

  • Het woord recapitulatie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
98 %van de Nederlanders;
96 %van de Vlamingen.

Verwijzingen

This article is issued from Wiktionary. The text is licensed under Creative Commons - Attribution - Sharealike. Additional terms may apply for the media files.